![]() | ![]() |
| Jan Sleutels : Index : Teaching : Leibniz | PDF-versie | Miscellaneous texts |
|
Uit: Metafysica en taalfilosofie I, Leibniz (seminar 1998-1999)
Numerieke modellen voor Leibniz' bewering
dat elke monade het universum spiegelt op eigen wijze Inleiding en synopsis
Mede in samenhang met andere onderdelen uit Leibniz' ontologie is door verschillende schrijvers, onder wie Lotze, Windelband, Cassirer en Heimsoeth, bezwaar aangetekend tegen Leibniz' idee van een universele spiegelingsrelatie. Een karakteristieke formulering van een van de bezwaren is die van H. Lotze uit 1868. Hij redeneerde als volgt. De wezenlijke activiteit van een monade bestaat volgens Leibniz uit waarneming of weerspiegeling van de monaden en van het universum. Maar het universum zelf bestaat enkel uit dergelijke monaden die elkaar weerspiegelen. Derhalve is er geen onafhankelijke inhoud van het universum om weerspiegeld te worden. Het universum volgens Leibniz is één groot spiegelpaleis van spiegels die elkaar weerspiegelen zonder iets anders te weerspiegelen... Cassirer voegde in 1902 aan dit bezwaar nog toe dat
Op grond van deze overwegingen concludeerde Cassirer dat Leibniz' idee van een universele weerspiegelingsrelatie tussen monaden onhoudbaar is. In een bespreking van Cassirers werk verzette Russell zich tegen deze conclusie. Hij betoogde dat Leibniz' relatie van 'uitdrukken' of 'weerspiegelen' anders dient te worden opgevat en voerde een wiskundige analogie of model op. VerwijzingenBertrand Russell, 'Recent Work on the Philosophy of Leibniz', Mind Vol. XII, 1903, pp. 177-201. Ernst Cassirer, Leibniz' System in seinen wissenschaftlichen Grundlagen (Marburg, 1902), p. 468. H. Lotze, Geschichte der Aesthetik in Deutschland (Muenchen, 1868). G.W. Leibniz, 'Discours de métaphysique' (jan.-febr. 1686), geciteerd uit: Philosophical writings, ed. G.H.R. Parkinson (Everyman, London, 1934-1973). Vgl. Die philosophischen Schriften von G.W. Leibniz, ed. C.I. Gerhardt, vol. IV, pp. 427vv. Benson Mates, The Philosophy of Leibniz. Metaphysics and Language (Oxford 1986), pp. 80vv.
|
|